Gedrag in organisaties 9 e editie Stephen P

  • Slides: 18
Download presentation
Gedrag in organisaties, 9 e editie Stephen P. Robbins en Timothy A. Judge Hoofdstuk

Gedrag in organisaties, 9 e editie Stephen P. Robbins en Timothy A. Judge Hoofdstuk 9 Werkteams 1

Na bestudering van dit hoofdstuk ben je in staat om: 1. De toenemende populariteit

Na bestudering van dit hoofdstuk ben je in staat om: 1. De toenemende populariteit van teams in organisaties te verklaren. 2. De verschillen tussen teams en groepen aan te geven. 3. Vier soorten teams te beschrijven. 4. De kenmerken van effectieve teams te beschrijven. 5. Uit te leggen hoe organisaties teamspelers kunnen creëren. 6. Situaties te beschrijven waar teams de voorkeur genieten boven individuen. 2

Waarom zijn teams zo populair geworden ? • Betere prestatie als de taken meerdere

Waarom zijn teams zo populair geworden ? • Betere prestatie als de taken meerdere vaardigheden, oordeelkundigheid en ervaring vereisen. • Betere benutting van de talenten van de werknemer. • Flexibeler en alerter bij veranderende gebeurtenissen. • Bevorderen de deelname van werknemers in operationele beslissingen. • De organisatie wordt er door gedemocratiseerd en de motivatie van werknemers opgepept. 3

Werkgroep • Een groep die primair contact onderhoudt om informatie uit te wisselen en

Werkgroep • Een groep die primair contact onderhoudt om informatie uit te wisselen en besluiten te nemen die alle leden helpen beter te werken op het eigen specifieke verantwoordelijkheidsgebied. 4

Werkteam • genereert positieve synergie via gecoördineerde inspanningen. • individuele input levert een groepsprestatie

Werkteam • genereert positieve synergie via gecoördineerde inspanningen. • individuele input levert een groepsprestatie op die groter is dan de som van alle individuele bijdragen. 5

Vergelijking tussen werkgroepen en werkteams Werkgroepen Informatie-uitwisseling Neutraal (soms negatief) Individueel Willekeurig en wisselend

Vergelijking tussen werkgroepen en werkteams Werkgroepen Informatie-uitwisseling Neutraal (soms negatief) Individueel Willekeurig en wisselend Werkteams Doel Synergie Verantwoording Vaardigheden Collectieve prestatie Positief Individueel en gezamenlijk Aanvullend 6

Vier soorten teams 7

Vier soorten teams 7

Probleemoplossende teams • wisselen ideeën uit of komen met suggesties om werkprocessen en methoden

Probleemoplossende teams • wisselen ideeën uit of komen met suggesties om werkprocessen en methoden soepeler te laten verlopen. • hebben zelden de bevoegdheid om zelf een van hun voorstellen te implementeren • bestaan meestal uit 5 tot 12 werknemers van dezelfde afdeling • voorbeeld: kwaliteitskring 8

Zelfsturende teams • • • bepalen gezamenlijk het werktempo verdelen de taken regelen de

Zelfsturende teams • • • bepalen gezamenlijk het werktempo verdelen de taken regelen de pauzes collectief inspectieprocedures instellen kiezen hun eigen leden en beoordelen elkaars prestaties • bestaan meestal uit 10 tot 15 mensen 9

Crossfunctionele teams • bestaan uit leden van diverse terreinen binnen de organisatie of van

Crossfunctionele teams • bestaan uit leden van diverse terreinen binnen de organisatie of van verschillende organisaties • wisselen informatie uit • nieuwe ideeën ontwikkelen en problemen oplossen • coördineren van ingewikkelde projecten • ontwikkeling is tijdrovend door de complexiteit en diversiteit • voorbeelden: taakgroepen en commissies 10

Virtuele teams • computertechnologie verbindt fysiek verspreide collega’s met elkaar om een gemeenschappelijk doel

Virtuele teams • computertechnologie verbindt fysiek verspreide collega’s met elkaar om een gemeenschappelijk doel te bereiken • onderscheidende factoren van andere teams: – het ontbreken van paraverbale en non-verbale signalen – weinig sociale context – het vermogen om beperkingen van tijd en ruimte te overstijgen 11

Hoofdelementen van effectieve teams • • Context Samenstelling Ontwerp van taken Procesvariabelen 12

Hoofdelementen van effectieve teams • • Context Samenstelling Ontwerp van taken Procesvariabelen 12

Context • Aanwezigheid van adequate hulpmiddelen • Effectief leiderschap • Sfeer van vertrouwen •

Context • Aanwezigheid van adequate hulpmiddelen • Effectief leiderschap • Sfeer van vertrouwen • Belonings- en prestatiebeoordelingssysteem waarin de teambijdragen tot uiting komen 13

Samenstelling • • Capaciteiten van leden Persoonlijkheid Toewijzing van rollen Diversiteit Omvang van teams

Samenstelling • • Capaciteiten van leden Persoonlijkheid Toewijzing van rollen Diversiteit Omvang van teams Flexibiliteit van leden Voorkeuren van leden 14

Ontwerp van taken • • Autonomie Variatie in vaardigheden Taakidentiteit Taakbelang 15

Ontwerp van taken • • Autonomie Variatie in vaardigheden Taakidentiteit Taakbelang 15

Proces • • • Gemeenschappelijk overkoepelend doel Concrete doelstellingen Doeltreffendheid team Niveau conflicten Lijntrekken

Proces • • • Gemeenschappelijk overkoepelend doel Concrete doelstellingen Doeltreffendheid team Niveau conflicten Lijntrekken 16

Van werknemer naar teamspeler • Selectie • Training • Beloningen 17

Van werknemer naar teamspeler • Selectie • Training • Beloningen 17

Hoe weet je of het werk van je groep beter in teams gedaan kan

Hoe weet je of het werk van je groep beter in teams gedaan kan worden? • Kan het werk beter door meer dan één persoon gedaan worden? • Dient het werk een gemeenschappelijk doel of serie doelstellingen voor de mensen in de groep? • Zijn de groepsleden onderling afhankelijk? 18