Workshop CVIexperience Femke van der Veer Marianne Geleijnse

  • Slides: 40
Download presentation
Workshop CVI-experience Femke van der Veer Marianne Geleijnse

Workshop CVI-experience Femke van der Veer Marianne Geleijnse

Programma: 1. Theorie: Wat is CVI? - Hoge visuele functies 2. Het “ervaren” van

Programma: 1. Theorie: Wat is CVI? - Hoge visuele functies 2. Het “ervaren” van stoornissen in de hoge visuele functies 3. Terugkoppeling ervaringen/ bespreken rol/ verwachtingen van Visio 02 november

Zien doen we met onze ogen en HERSENEN

Zien doen we met onze ogen en HERSENEN

Alle vormen van slechtziendheid die een gevolg zijn van hersendisfuncties, vallen onder de verzamelnaam

Alle vormen van slechtziendheid die een gevolg zijn van hersendisfuncties, vallen onder de verzamelnaam “CVI”

CVI kan omvatten, stoornissen in: § lage visuele functies: § hoge visuele functies §

CVI kan omvatten, stoornissen in: § lage visuele functies: § hoge visuele functies § functies die voorwaardelijk zijn voor het zien: 02 november

CVI kan omvatten, stoornissen in: § lage visuele functies: - Beeldkwaliteit - Oogbewegingen (oculomotoriek)

CVI kan omvatten, stoornissen in: § lage visuele functies: - Beeldkwaliteit - Oogbewegingen (oculomotoriek) § hoge visuele functies § functies die voorwaardelijk zijn voor het zien: - o. a. aandacht voor visuele informatie 02 november

Hoe werkt zien? En wat kan er in mis gaan? ?

Hoe werkt zien? En wat kan er in mis gaan? ?

Als je je ogen open doet en je hebt aandacht voor wat je ogen

Als je je ogen open doet en je hebt aandacht voor wat je ogen je te bieden hebben. . . § Is er in je achterhoofd – als het goed is – een prachtig, groot, gedetailleerd, kleurrijk scherp beeld van de wereld aanwezig (lage functiegroep beeldkwaliteit) § Er is meestal veel te veel om in een keer allemaal goed te bekijken. Dus je moet selecteren. Dat begint met het richten van je ogen § (lage functiegroep oogbewegingen) MAAR ER IS MEER. . 02 november

Er is meer dan lage visuele functies en aandacht: De HOGE visuele functies. .

Er is meer dan lage visuele functies en aandacht: De HOGE visuele functies. . (Vb auto) 02 november

Kijk naar de gele stip en blijf hiernaar kijken wanneer de volgende dia komt

Kijk naar de gele stip en blijf hiernaar kijken wanneer de volgende dia komt 02 november

Zonder onze ogen te bewegen, kunnen we de hele auto zien. . 02 november

Zonder onze ogen te bewegen, kunnen we de hele auto zien. . 02 november

. . omdat we de hele auto selecteren 02 november

. . omdat we de hele auto selecteren 02 november

. . maar als we willen weten hoe de handgreep er uitziet, selecteren we

. . maar als we willen weten hoe de handgreep er uitziet, selecteren we alleen de handgreep. . 02 november

Dit heet: Visuele selectieve aandacht We selecteren binnen visuele informatie met onze aandacht Kinderen

Dit heet: Visuele selectieve aandacht We selecteren binnen visuele informatie met onze aandacht Kinderen met CVI hebben meestal een of meer stoornissen in de Visuele selectieve aandacht Dat heeft grote gevolgen voor hoe deze kinderen de wereld zien 02 november

Dat we selecteren wordt verder verwerkt en nemen we bewust waar: de handgreep (detail)

Dat we selecteren wordt verder verwerkt en nemen we bewust waar: de handgreep (detail)

. . de deur. . 02 november

. . de deur. . 02 november

. . de auto 02 november

. . de auto 02 november

. . de auto in relatie tot zijn omgeving 02 november

. . de auto in relatie tot zijn omgeving 02 november

We kunnen dus de grootte van het gebied dat we selecteren naar wens variëren.

We kunnen dus de grootte van het gebied dat we selecteren naar wens variëren. We selecteren: § een groter gebied voor overzicht § of § een kleiner gebied om een detail te bekijken CVI omvat meestal stoornissen in een of beide van deze functies 02 november

Een stoornis in het selecteren van een groot gebied (zgn. globale visuele selectie) resulteert

Een stoornis in het selecteren van een groot gebied (zgn. globale visuele selectie) resulteert in een gebrek aan overzicht http: /www. oogheelkunde. org/richtlijnen/ visusstoornissen E-learning Je selecteert alleen maar A’tjes dus je ziet alleen maar A’tjes

Als je het geheel selecteert, zie je. . http: /www. oogheelkunde. org/richtlijnen/ visusstoornissen “Globale

Als je het geheel selecteert, zie je. . http: /www. oogheelkunde. org/richtlijnen/ visusstoornissen “Globale visuele selectie ” E-learning Een “P”

Een stoornis in het selecteren van een groot gebied (zgn. globale visuele selectie) resulteert

Een stoornis in het selecteren van een groot gebied (zgn. globale visuele selectie) resulteert in een gebrek aan overzicht VERKEER!! 02 november

Een stoornis in het selecteren van een groot gebied (zgn. globale visuele selectie) resulteert

Een stoornis in het selecteren van een groot gebied (zgn. globale visuele selectie) resulteert in een gebrek aan overzicht SCHOOL!! 02 november

Een stoornis in het selecteren van een klein gebied (locale visuele selectie) resulteert in

Een stoornis in het selecteren van een klein gebied (locale visuele selectie) resulteert in een moeite met zien van details, vooral in. . 02 november

1. Visuele selectieve aandacht Drukke visuele situaties: crowding Bepaalt wat je ziet: Je vindt

1. Visuele selectieve aandacht Drukke visuele situaties: crowding Bepaalt wat je ziet: Je vindt je vader niet, je ziet chaos §. . of A’tjes

1. Visuele selectieve aandacht Drukke visuele situaties: crowding Bepaalt wat je ziet: Om je

1. Visuele selectieve aandacht Drukke visuele situaties: crowding Bepaalt wat je ziet: Om je vader te kunnen zien moet je alleen ijn hoofdje selecteren. Je ziet wat je selecteert! §. . of A’tjes

Drukke visuele situaties: crowding Je ziet geen leesbare tekst, je ziet chaos Ook bij

Drukke visuele situaties: crowding Je ziet geen leesbare tekst, je ziet chaos Ook bij deze stoornis: verkeer en school grootste probleemgebieden

Naast stoornissen in: Lage visuele functies: 1. Het richten van de ogen 2. De

Naast stoornissen in: Lage visuele functies: 1. Het richten van de ogen 2. De kwaliteit en grootte van het beeld Hoge visuele functies: 3. De visuele selectieve aandachtsfuncties… En: algemene aandacht voor wat de ogen ons te bieden hebben. .

. . kan CVI stoornissen omvatten in: 4. Visuele waarnemingsfuncties: - Visuele identificatiefuncties -

. . kan CVI stoornissen omvatten in: 4. Visuele waarnemingsfuncties: - Visuele identificatiefuncties - Visueel ruimtelijke inschattingsfuncties 5. De koppeling van zien naar motoriek (Visuomotoriek) 6. Verschillende visuele geheugens 7. Visueel werkgeheugen 8. Snelheid van visuele verwerking

Relatief veel voorkomend zijn stoornissen in: 4. Visuele waarnemingsfuncties: - Visuele identificatiefuncties - Visueel

Relatief veel voorkomend zijn stoornissen in: 4. Visuele waarnemingsfuncties: - Visuele identificatiefuncties - Visueel ruimtelijke inschattingsfuncties 5. De koppeling van zien naar motoriek (Visuomotoriek) 7. Verschillende visuele geheugens 7. Visueel werkgeheugen 8. Snelheid van visuele verwerking

4. 2. Dé basis ruimtelijke eigenschappen zijn LOCATIE en ORIËNTATIE: alle dingen onderscheiden zich

4. 2. Dé basis ruimtelijke eigenschappen zijn LOCATIE en ORIËNTATIE: alle dingen onderscheiden zich hiermee van elkaar § Locaties ten opzichte van elkaar (van objecten of onderdelen) § Oriëntaties (van objecten of onderdelen) § Beweegt iets ja of nee (is de locatie van iets veranderlijk) - Zo ja, hoe snel - Zo ja, waar heen (oriëntatie) 02 november

Een K is geen N: hoe zie je dat? 1. Ogen richten 2. Beeldkwaliteit

Een K is geen N: hoe zie je dat? 1. Ogen richten 2. Beeldkwaliteit 3. Visuele § Door verschillende locaties van hoekpunten en orientaties van onderdelen selectieve aandacht 4. Waarneming 1. Identiteit 2. Ruimtelijk Voorwaarde: aandacht 02 november K

Kinderen met stoornissen in 4. visueelruimtelijke waarnemingsfuncties, hebben moeite met § Schoolse vaardigheden (denk

Kinderen met stoornissen in 4. visueelruimtelijke waarnemingsfuncties, hebben moeite met § Schoolse vaardigheden (denk aan: aanleren van letters, begrip van geometrische figuren, topografie (waar zijn die steden tov elkaar? ), het plaatsen van onderdelen bijv. puzzels) En/of § Verkeer/mobiliteit (denk aan: ruimtelijke oriëntatie, inschatten of een auto beweegt, en zo ja hoe snel en/of waarheen) En/of § Klokkijken 02 november

5. Visuomotoriek onderscheidt zich van motoriek: § Iemand met stoornissen in de motoriek kan

5. Visuomotoriek onderscheidt zich van motoriek: § Iemand met stoornissen in de motoriek kan een bepaalde gerichte beweging niet vloeiend uitvoeren § Iemand met stoornissen in de visuomotoriek kan die beweging wel vloeiend uitvoeren, maar niet wanneer hij het visueel doet; dan gaat het langzaam en slechtgericht 02 november

Kinderen met stoornissen in 5. visuomotoriek: Problemen in verkeer, school, sport § Hebben moeite

Kinderen met stoornissen in 5. visuomotoriek: Problemen in verkeer, school, sport § Hebben moeite met vangen en gooien § Hebben moeite met de richting van lijntjes tekenen § Hebben moeite met de juiste plaatsing van onderdelen § Hebben regelmatig botsinkjes en ongelukjes § Zijn traag in de uitvoering van handelingen 02 november

Kinderen met stoornissen in 7. Visueel werkgeheugen: § Hebben moeite met het vormen van

Kinderen met stoornissen in 7. Visueel werkgeheugen: § Hebben moeite met het vormen van een mentaal visueel beeld § Hebben moeite met het vervormen van een mentaal visueel beeld (zoals in je hoofd draaien van visueel materiaal, bijv. een landkaart, puzzelstukjes) Problemen op school, bij spel, in verkeer: (denk aan: navigeren, uit het hoofd tekenen, schrijven zonder voorbeeld, puzzelen) 02 november

Kinderen met stoornissen in 8. visuele verwerkingssnelheid § Hebben meer tijd nodig om visuele

Kinderen met stoornissen in 8. visuele verwerkingssnelheid § Hebben meer tijd nodig om visuele informatie tot zich door te laten dringen. § Hebben moeite met drukke verkeerssituaties waarin veel gebeurt en verandert § Hebben moeite met het volgen van ondertiteling 02 november

Last but certainly not least: § Kinderen met CVI zijn eerder vermoeid § Kinderen

Last but certainly not least: § Kinderen met CVI zijn eerder vermoeid § Kinderen met CVI zijn trager met visuele taken § Kinderen zijn minder goed met visuele taken § Kinderen met CVI weten dit § Kinderen met CVI zijn slecht begrepen § Kinderen met CVI voelen zich slecht begrepen § Kinderen met CVI zijn vaak faalangstig 02 november

Concluderend § CVI is slechtziendheid door stoornissen in de verwerking van visuele informatie door

Concluderend § CVI is slechtziendheid door stoornissen in de verwerking van visuele informatie door de hersenen § Er kan van alles misgaan § Wat er misgaat, hoe zich dat uit in het dagelijks leven en hoe een kind hiermee omgaat is voor elk kind anders § Stoornissen in de visuele selectieve aandacht komen het meest voor § Voor kinderen met CVI is zien erg vermoeiend § Kinderen met CVI hebben vaak faalangst ontwikkeld § Probleemgebieden zijn verkeer en school 02 november

Rol van Visio § Wat doet Visio op dit gebied voor de cliënt? §

Rol van Visio § Wat doet Visio op dit gebied voor de cliënt? § Verwachtingen vanuit keten: waar is vanuit de keten behoefte aan en hoe kunnen we de samenwerking optimaliseren? 02 November