Scheikunde Soorten gereedschap Gebruik van gereedschap Prakticum Reageerbuis
Scheikunde Soorten gereedschap Gebruik van gereedschap Prakticum
Reageerbuis • Kenmerk: Smalle buis die niet zelf kan staan
Reageerbuis • Voor het uitvoeren van reacties. • Voor het verwarmen van kleine hoeveelheden. • Voor het oplossen van kleine hoeveelheden. • Gevaar: • Zeer breekbaar, vooral de bodem stoot je er makkelijk uit.
Maatcilinder • Buis met schaalverdeling, een schenktuit en een voet om op te staan.
Maatcilinder • Nauwkeurig afmeten van vloeistoffen. • We noemen altijd de maximale hoeveelheid die de maatcilinder kan meten erbij. Bijvoorbeeld: Maatcilinder 250 m. L. • Let op: • Neem een maatcilinder die in 1 keer alle vloeistof kan bevatten die je moet afmeten.
Erlenmeyer • Heeft een platte bodem met een taps toelopende wand.
Erlenmeyer • Voor het oplossen en mengen van stoffen. • Voor het verwarmen van vloeistoffen. • Voor het opvangen van een vloeistof bij filtratie en titratie. • Niet voor: • Het afmeten van een vloeistof.
Bekerglas • Heeft een platte bodem en rechte wanden. Ze zijn er wijd en smal
Bekerglas • Voor het verwarmen van vloeistoffen. • Voor het maken oplossingen/mengsels in grotere hoeveelheden als met een reageerbuis. • Er zit een schenktuit aan om te schenken. • Niet voor: • Het afmeten van vloeistoffen.
Gaswasfles • Voor het “wassen” van gassen.
Gaswasfles • De ingaande buis eindigt laag onder het vloeistof oppervlak. Het laat het gas eerst door de vloeistof borrelen. • De uitgaande buis bevindt zich boven het vloeistofoppervlak, en dient om het gewassen gas uit de fles te voeren. • Wordt gebruikt om gassen aan te tonen • Of om stoffen uit een gas te halen Nadeel: • Zeer kwetsbaar • Gas moet onderdruk staan om door te stromen
Druppelpipet • Om druppels te maken.
Druppelpipet • Om druppelsgewijs hele kleine hoeveelheden toe te voegen • Om kleine hoeveelheden vocht op te zuigen • Verschillende uitvoeringen. • Nadeel: • Er gevoelig voor uitdrogen • Breekbaar (pasteurpippet)
Horlogeglas • Cirkelvormig stuk glas dat een beetje bol/hol is.
Horlogeglas • Om een bekerglas af te dekken • Om kleine hoeveelheden vaste stof af te wegen • Om druppelpracticum te doen. • Om reacties heel goed te kunnen observeren (reacties; kristalisatie) • Nadeel:
Indampschaal • Heet ook wel indampkroes.
Indampschaal • Om vloeistoffen in te dampen. • Om opgeloste stoffen uit een vloeistof te halen • Nadeel: • Zeer breekbaar, is van porselein gemaakt.
Spatel
Spatel • Voor het toevoegen van kleine hoeveelheden vaste stof. • Van RVS of Porselein gemaakt • Veel verschillende uitvoeringen • Kan als roerstaaf gebruikt worden.
Reageerbuisrek
Reageerbuisrek • Voor het neerzetten van reageerbuizen. • Je kan ze ook geordend hierin zetten.
Trechter
Trechter • Om vloeistoffen in een vat/fles te doen • Met wijde opening geschikt om vaste stoffen te schenken • Om te filtreren (vaste fijnverdeelde stoffen uit een vloeistof halen)
Spuitfles • Toevoegen van gedestilleerd water of andere vloeistof • Blauwe buisje ter bescherming van punt.
Kroezen tang • Voor het vastpakken van hete materialen
Kolf • Voor het koken van vloeistoffen bij destillatie.
Teclubrander • Om stoffen te verwarmen/verhitten. • Gele vlam = pauze vlam • Niet ruisende blauwe vlam voor het verwarmen. • Ruisende blauwe vlam voor het verhitten
Driepoot met gaas • Steun om over de teclubrander te zetten.
Introductie in de chemie
Tijdens practicum • Veiligheid • Stap voor stap • OBSERVEREN!!!!!
Wat is een zout. • Een zout is een molecuul gevormd uit: een positief deeltje en een negatief deeltje. • Het positief geladen deeltje is altijd een metaal • Het bekendste zout is Na. Cl (keukenzout)
Onderzoeksvraag • Wat gebeurt er wanneer de zouten koperchloride (Cu. Cl 2) en natriumcarbonaat (Na 2 CO 3) opgelost en daarna gemengd worden?
Wat heb je nodig • • • Rekje met reageerbuizen Spuitfles met gedemineraliseerd water Maatcilinder van 10 ml Koperchloride (spatelpuntje) Trechter en filtreerpapier Natriumcarbonaat (spatelpuntje) Indampschaaltje Bekerglas van 50 ml Brander met gaasje
Uitvoering stap 1 • Reageerbuis 1 bevat een spatelpunt Koperchloride. Noteer de fase en de kleur
Uitvoering stap 2 • Voeg 5 ml demi-water toe en 'kwispel' de buis goed • Lost op ja / nee • Kleur van de oplossing. . . . .
Uitvoering stap 3 • Reageerbuis 2 bevat een spatelpunt Natriumcarbonaat. • Noteer de fase en de kleur. . .
Uitvoering stap 4 • Voeg 5 ml demi-water toe en 'kwispel' de buis goed. • Lost op ja / nee • Kleur van de oplossing
Uitvoering stap 5 • Voeg de inhoud van buis 1 en 2 samen in het bekerglas van 50 ml en roer. • Laat rusten. • Wat zie je?
Uitvoering stap 6 • Plaats de trechter met filtreerpapier in een lege reageerbuis. • Schenk het mengsel uit het bekerglas in het filter. • Wat zie je? Op het filter: • In de reageerbuis:
Uitvoering stap 7 • Neem 5 ml van het vocht uit de reageerbuis , schenk in het indampschaaltje en laat boven de gasbrander het water verdampen. • Wat zie je?
Uitleg en berekening • Koperchloride • Cu. Cl 2 in H 2 O => Cu 2+(aq) + 2 Cl-(aq) • Natriumcarbonaat • Na 2 CO 3 in H 2 O => 2 Na+(aq) + CO 32 -(aq)
Uitleg en berekening Na het mengen van de oplossingen zitten in het bekerglas de ionen: -(aq) 2+(aq) Cl Cu. . +. . koperchloride en +(aq) 2 -(aq) Na CO. . +. . natriumcarbonaat 3 Vorm nieuwe paren volgens de pijlen: Cu 2+(aq) CO 32 -(aq) Na+(aq) Cl-(aq) . . . +. . en. . +. .
Uitleg en berekening • Oplosbaarheid van zouten in water Ionen NO 3 - Cl- Br- I- SO 42 - F- S 2 - OH- SO 32 - CO 32 PO 43 - O 2 - Na+ g g g r K+ g g g r NH 4+ g g g o g o o Mg 2+ g g g s m m s s Al 3+ g g g r s r r s s Fe 2+ g g g m s s s Zn 2+ g g g s s s Fe 3+ g g m r s s Cu 2+ g g g s s s Ca 2+ g g m s m m s s s r Ba 2+ g g s m m g s s s r Hg 2+ g g m s r r s s Pb 2+ g m m s s s s s Ag+ g s s s m g s s s s
Uitleg en berekening • Slecht oplosbare zout(en): . . . . • Goed oplosbare zout(en): . . . .
Uitleg en berekening • Welk zout is nu wat? Na. CL Cu. CO 3
- Slides: 45