Orintatie op ondernemerschap Deel 2 Orintatie op het




















- Slides: 20
Oriëntatie op ondernemerschap Deel 2 Oriëntatie op het runnen van een onderneming Hoofdstuk 5 Het ondernemingsplan
Inhoud deel 2 Oriëntatie op het runnen van een onderneming 1 Oriëntatie op het starten van een onderneming (H 1) 2 Oriëntatie op het runnen van een onderneming (H 2 t/m 7) 3 Besluit of ondernemen als toekomstperspectief past (H 8) 1
Inhoud deel 2 Oriëntatie op het runnen van een onderneming Hoofdstuk 2 Hoofdstuk 3 Hoofdstuk 4 Hoofdstuk 5 Hoofdstuk 6 Hoofdstuk 7 Mijn idee! Is dit het juiste moment? Waar is het gat in de markt? Het ondernemingsplan Hoe ziet jouw product eruit? Geldzaken 2
Deel 2 Oriëntatie op het runnen van een onderneming Hoofdstuk 5 Het ondernemingsplan ► www. use. li/e 17/0188 3
Deel 2 Oriëntatie op het runnen van een onderneming Hoofdstuk 5 Het ondernemingsplan ► Een ondernemingsplan maken ► www. use. li/e 17/0189 4
Deel 2 Oriëntatie op het runnen van een onderneming Hoofdstuk 5 Het ondernemingsplan ► Marketingplan 5
Deel 2 Oriëntatie op het runnen van een onderneming Hoofdstuk 5 Het ondernemingsplan ► De marketingmix: de 5 P’s 6
Deel 2 Oriëntatie op het runnen van een onderneming Hoofdstuk 5 Het ondernemingsplan ► Opdracht 26 - Videopresentatie met de 5 P’s 7
Deel 2 Oriëntatie op het runnen van een onderneming Hoofdstuk 5 Het ondernemingsplan ► Markt en marktonderzoek 8
Deel 2 Oriëntatie op het runnen van een onderneming Hoofdstuk 5 Het ondernemingsplan ► Opdracht 27 - Onderdelen ondernemingsplan 9
Deel 2 Oriëntatie op het runnen van een onderneming Hoofdstuk 5 Het ondernemingsplan ► Opdracht 28 - Bol & Bagel 10
Deel 2 Oriëntatie op het runnen van een onderneming Hoofdstuk 5 Het ondernemingsplan ► www. use. li/e 17/0190 ► www. use. li/e 17/0191 11
Deel 2 Oriëntatie op het runnen van een onderneming Hoofdstuk 5 Het ondernemingsplan ► Personeel als visitekaartje Denk bij personeel voor jouw bedrijf aan: ► Kennis: Wat weten ze? Bijvoorbeeld over het product? ► Vaardigheden: Wat kunnen ze? Bijvoorbeeld producten ontwerpen, de telefoon opnemen, klanten te woord staan, de kassa bedienen. ► Spreken: Goed en duidelijk Nederlands spreken is noodzakelijk, een beetje Engels is heel handig. ► Houding: Hoe gedragen ze zich? Hoe benaderen ze de klanten? Vriendelijk en netjes? ► Uiterlijk: Hoe zien ze eruit? Een klant heeft heel snel een bepaald beeld van de medewerker. Hoe je iets zegt is belangrijker dan wat je zegt. 12
Deel 2 Oriëntatie op het runnen van een onderneming Hoofdstuk 5 Het ondernemingsplan ► Opdracht 29 - Lichaamstaal 13
Deel 2 Oriëntatie op het runnen van een onderneming Hoofdstuk 5 Het ondernemingsplan ► Promotie en sociale media: niet meer weg te denken 14
Deel 2 Oriëntatie op het runnen van een onderneming Hoofdstuk 5 Het ondernemingsplan ► Opdracht 30 - Sjiekdefriemel 15
Deel 2 Oriëntatie op het runnen van een onderneming Hoofdstuk 5 Het ondernemingsplan ► Welke ondernemingsvorm? 16
Deel 2 Oriëntatie op het runnen van een onderneming Hoofdstuk 5 Het ondernemingsplan ► Opdracht 31 - Ondernemingsvormen ► www. use. li/e 17/0192 17
Deel 2 Oriëntatie op het runnen van een onderneming Hoofdstuk 5 Het ondernemingsplan ► Opdracht 32 - kvk. nl 18
Deel 2 Oriëntatie op het runnen van een onderneming Hoofdstuk 5 Het ondernemingsplan ► Opdracht 33 - Rechtsvorm: alleen of met anderen? 19