Is kunst een eigenaardige uitvinding van de laatste






















- Slides: 22
§ Is kunst een eigenaardige uitvinding van de laatste drie eeuwen? Volgens de institutionele definitie bestaat kunst door de erkenning van een door de samenleving erkend instituut (museum, kunstcritici), vanaf zich het ‘kunstbegrip’ ontwikkeld heeft. Dus dan zou kunst niet vroeger bestaan hebben, en zou een groot aantal culturen geen kunst kennen…
§ Jeroen stumpel is niet akkoord met deze institutionele definitie, kunst is universeel, van alle tijden, typisch menselijk
§ Bijzonder ma ken, wat een zekere kennis, toewijding en aanleg vereist, vb. door formaat, materialen § Beelden maken, vaak als substituut
§ Grieks theater Epidauros, 300 V. C. § Functie(s): ontspannen
§ Prins Rahotep en zijn vrouw Nofret (4 e dynastie) § Functie(s): machtspositie weergeven
§ Aanbidding van het Lam Gods, gebroeders Van Eyck, 1432 § Functie(s): Ten eerste een wereldbeeld weergeven, zijnde het christelijke § wereldbeeld. Ten tweede was het een middel om de macht van de Kerk te versterken of § consolideren. Een derde functie is ‘opvoeden’. Op die manier probeerde mens op het § rechte, ‘christelijke’ pad te houden en te behoeden voor zonden.
§ Fabels van Jean de La Fontaine, 17 e eeuw § Functie(s): opvoeden, maar ook ontspannen
§ De Prehistorie § De manier van afbeelden is heel eenvoudig. Dieren werden in steen gegraveerd, er komt geen kleur aan te pas of andere materialen, enkel steen. De afbeelding is behoorlijk grof, er is weinig verfijning. Maar toch zijn de dieren heel natuurgetrouw weergegeven.
§ Op zich zegt het kunstwerk niet veel. We zien namelijk enkel twee eenvoudig afgebeelde dieren. Maar het weinige dat wordt afgebeeld is wel overtuigend. Deze dieren moeten een zeer belangrijke rol gespeeld hebben in het leven van de oermensen. Iets waar ze zich misschien wel dagelijks moesten mee bezighouden. Jacht stond centraal in hun leven, het was een voorwaarde om te overleven. Verder kunnen we uit de eenvoud van de afbeelding afleiden dat de wereld van de oermensen nog niet complex was. Er waren nog weinig of geen systemen, hiërarchieën, steden, dorpen, complexe werktuigen, wetten, heersers, etc. die het alledaagse leven bepaalden. Er was nog niet veel, en de oermensen hadden ook niet veel. En dat is te merken uit het kunstwerk. §
§ Uit de klassieke Oudheid § Het kunstwerk is behoorlijk imposant. Er staan verschillende figuren in dynamische houdingen op afgebeeld. Ook voorwerpen zoals een schild, een speer en een drietand zijn te zien. Het materiaalgebruik is zeer eenvoudig: steen. Maar de figuren zijn wel heel verfijnd en heel levensecht.
§ Het gaat hier om goden. Meer bepaald Athena, godin van de wijsheid en de krijgskunst en Poseidon, god van de zee. Hieruit kunnen we onmiddellijk afleiden dat de goden een belangrijke rol gespeeld hebben in het leven van de oude Grieken. Ze hadden er ontzag en eerbied voor. De goden en de mythes hieromtrent waren voor de Grieken de bron van verklaringen voor het ontstaan van de mens, de wereld, de natuur, etc. Aangezien oorlogswapens zoals schild en speer zijn afgebeeld, kunnen we stellen dat voor de Grieken ‘oorlog’ een belangrijk aspect van hun samenleving was. Strijd, overwinning, heldhaftigheid etc. waren belangrijke begrippen voor de oude Grieken. Ten slotte zien we aan de hand van het feit dat de figuren zo levensecht werden afgebeeld, dat de Grieken een behoorlijk anatomische kennis hadden van het menselijk lichaam. Bovendien zijn de lichamen van de figuren bijna perfect, wat wijst op de fascinatie van de Grieken voor schoonheid en het ideale lichaam.
§ De laat Renaissance § We zien een heel druk en kleurrijk schilderij. Tientallen figuren in alle mogelijke houdingen en posities staan erop afgebeeld. Dan zijn er ook nog huizen en allerlei voorwerpen op te zien. Het is een redelijk chaotische bedoening, aangezien ongeveer elke figuur dan ook nog eens ‘iets aan het doen is’ en dus niet stilstaat. De weergave is heel verfijnd. Alles is tot in de puntjes afgewerkt.
§ Het gaat hier om een Breughel. Hij stond bekend om zijn uitstekende weergave van het uiterlijk en het gedrag van de gewone mensen van zijn tijd, als ware het een toneelstuk of een tv-soap. Uit dit schilderij kan men dus veel afleiden over het alledaagse leven van toen. We zien hoe een stad of dorp er toen uitzag, hoe de mensen gekleed waren, welke voorwerpen men toen gebruikte etc. Maar om meer te zien, moet je het schilderij van dichtbij bekijken. Dan zie je allerlei kleine taferelen die veel meer zeggen. Het schilderij symboliseert de strijd tussen vasten en carnaval. Hiermee zien we al onmiddellijk het belang van de Kerk (let ook op de kerk en de nonnen op het schilderij). De Kerk speelde toen een belangrijke regulerende rol in het alledaagse leven. Ze zorgde onder andere voor een afwisseling van feestdagen en periodes waarin grote matigheid de regel was. We zien hier hoe dit voor vele mensen vaak een moeilijke opdracht was. Links zien we hoe mensen Carnaval vieren en zich ten goede doen aan spelen, spijs en drank. Rechts zien we uitgehongerde mensen en bedelaars, die de Vasten voorstellen. In het midden van het schilderij komen Carnaval en Vasten met elkaar in de clinch. Verder zien we dat in die periode een groot deel van de bevolking in grote armoede leefde. De strijd om het bestaan was een dagelijkse zorg. De drang naar eten en drank was daarom zeer sterk en kon soms extreme vormen aannemen.
§ Het modernisme § Op dit schilderij zien we geen mensen of dieren, maar enkel voorwerpen en landschap. Het is een industrieel landschap. Er worden kleuren gebruikt, maar die zijn behoorlijk somber. Ook is er weinig dynamiek, het is nogal statisch.
§ De afbeelding van ‘industriële voorwerpen’ wijst op het feit dat er in deze periode een overvloed ontstond aan nieuwe stijlen en technische vernieuwingen. Technologische vooruitgang en economische welvaart waren toen belangrijke kenmerken van het wereldbeeld.
§ In beide wereldbeelden is de component godsdienst van groot belang. Bij de Grieken zijn strijd-en overwinningslust, trots, etc. sterk aanwezig in het heersende gedachtegoed. Dit is minder aanwezig bij de kunst van de Renaissance. De tijden waren sowieso wat somberder, armzaliger. De kunst van toen was namelijk voor een groot deelgedomineerd door het Christendom.