De knoppen onderin Hier links zie jehet eenscherm










































- Slides: 42
De knoppen onderin Hier links zie jehet eenscherm kun je gebruiken overzicht vanom allediverse dia’s Hieronder zie je elementen weer te geven of te met hun titels aantekeningen en verbergen. mogelijk uitleg bij de Als je naar de volgende Klikdia’s nu op de titel van dia 2 om Verder staan erwil KLIK HIER!!! (of een andere dia) verder teregelmatig gaan. Klik daarna klik je op de titel telkens voorbeelden. op dit scherm om verder te gaan Klik nu nogmaals hier!! Klik met nogmaals Succes leren! hier!!
Les in drie onderdelen Molecuulformules Reactievergelijkingen Zouten
Onderdeel 1: molecuulformules
Inhoud onderdeel 1 • • • Noodzaak Herhaling vorig jaar Uitleg moleculen Voorbeelden Opdrachten maken Onderdeel 1: Molecuulformules
Noodzaak • Goede Basis • Uitgangspunt boek derde klas • Hst 6 niet helemaal af
Herhaling vorig jaar • Elementen of atoomsoorten (binas) in het Periodiek Systeem • Verbinding • Niet-ontleedbare stof • Scheiden • Ontleden • Metalen • fasen Onderdeel 1: Molecuulformules
Uitleg moleculen • • • Opgebouwd uit atomen Verschillende atomen ontleedbaar Zelfde atomen niet-ontleedbaar Aantal atomen zeer belangrijk Index en coëfficiënt Onderdeel 1: Molecuulformules
Voorbeelden 1. Vier Water moleculen 1. 2. 3. 4. coëfficient Verbinding waterstof en zuurstof-atomen H, O (l) (kommaformule) H 2 O (l) (molecuulformule) Twee atomen waterstof en één atoom zuurstof 4 H 2 O Onderdeel 1: Molecuulformules Geen index Index
Voorbeelden 2. drie Koolstofdioxide-moleculen 1. 2. 3. 4. coëfficient Verbinding zuurstof en waterstof C, O (g) (kommaformule) CO 2 (g) (molecuulformule) Één atoom koolstof en twee atomen zuurstof 3 CO 2 Onderdeel 1: Molecuulformules Index
Voorbeelden 3. Een molecuul methaan (hoofdbestanddeel aardgas) 1. 2. 3. 4. Verbinding van koolstof en waterstof C, H(g) (kommaformule) CH 4(g) (molecuulformule) Één atoom koolstof en 4 atomen waterstof Coëfficient? ? CH 4 Onderdeel 1: Molecuulformules Index
Voorbeelden 4. 8 moleculen Difosforpentaoxide 1. 2. 3. 4. coëfficient Verbinding van fosfor en zuurstof P, O(s) (kommaformule) P 2 O 5 (s) (molecuulformule) Twee fosfor-atomen en vijf zuurstof atomen 8 P 2 O 5 Index
Moleculen als model Alcohol Verbinding van • Waterstof (witte bolletjes) • Koolstof (zwarte bolletjes) • Zuurstof (rode bolletjes) 4 C 2 H 6 O (l) Onderdeel 1: Molecuulformules
Moleculen als model Onderdeel 1: Molecuulformules
Opdrachten maken • Zie stencil (bladzijde 1) Wanneer we de vragen in de les besproken hebben zijn de antwoorden hier te downloaden. Klik hier om de opdrachten te downloaden Onderdeel 1: Molecuulformules
Van komma naar getal Onderdeel 2: reactievergelijkingen
Inhoud onderdeel 2 • • • Nieuwe stoffen maken Herhaling vorig jaar Uitleg reactievergelijkingen stappenplan Opdrachten… veel opdrachten Onderdeel 2: reactievergelijkingen
Herhaling vorig jaar • Chemische reactie is een proces waarbij stoffen verdwijnen en nieuwe stoffen ontstaan. • Voor de pijl beginsstoffen • Na de pijl eindstoffen • Totale massa vóór en ná de reactie gelijk • Één beginstof is een ontleding • Fasen tussen haakjes Onderdeel 2: reactievergelijkingen
Herhaling vorig jaar • Fasen – Vast (s) – Vloeibaar (l) – Gasvormig (g) • In woorden en symbolen • Voorbeeld – Water (vloeibaar) zuurstof (gas) + waterstof (gas) – H, O(l) O(g) + H(g) Onderdeel 2: reactievergelijkingen
Stappenplan reactievergelijking 1. Stel het reactieschema in woorden op 2. Maak het reactieschema met formules 3. Maak het reactieschema met formules kloppend 4. Controleer of de reactievergelijking kloppend is. Onderdeel 2: reactievergelijkingen
Uitleg kloppend maken • Reacties vanaf nu met molecuulformules • Reacties worden kloppend gemaakt • Aantal atomen voor en na de pijl van één atoomsoort gelijk • Totaal aantal atomen voor en na de pijl gelijk • Kloppend maken? Hoe gaat dat? – uitleg – drie voorbeelden Onderdeel 2: reactievergelijkingen
Voorbeeld 1 kloppend maken 2 2 ___Mg(s) + ___O 2 (s) ___Mg. O(s) • Aan de molecuulformules mag je niets veranderen • Aantal atomen van één soort moeten voor en na de pijl gelijk zijn. Getal 1 wordt niet genoteerd Onderdeel 2: reactievergelijkingen
Voorbeeld 2 kloppend maken 3 2(g) ___CO 2 2 2 O(g) ___C 2 H 4 (g) + ___O 2(g) + ___H Getal 1 wordt niet genoteerd Aan de molecuulformules mag je niets veranderen Aantal atomen van één soort moeten voor en na de pijl gelijk zijn. Onderdeel 2: reactievergelijkingen
Voorbeeld 3 kloppend maken 3 3 __Fe. O(s) +2 __Al(s) __Fe(s) + __Al 2 O 3(s) Getal 1 wordt niet genoteerd Aan de molecuulformules mag je niets veranderen Aantal atomen van één soort moeten voor en na de pijl gelijk zijn. Onderdeel 2: reactievergelijkingen
Opdrachten • Gewoon veel oefenen! • Zie stencil bladzijde 2 Wanneer we de vragen in de les besproken hebben zijn de antwoorden hier te downloaden. Klik hier om de opdrachten te downloaden Onderdeel 2: reactievergelijkingen
Handige rijtjes element Molecuulformule -ide omschrijving Waterstof H 2 chloride Cl Zuurstof O 2 Verbinding met chloor oxide O Stikstof N 2 Verbinding met zuurstof sulfide S Fluor F 2 Verbinding met zwavel Fluoride F Verbinding met fluor Bromide Br Verbinding met Broom jodide I Verbinding met Jood Chloor Cl 2 Broom Br 2 jood I 2 Onderdeel 2: reactievergelijkingen
Van komma naar getal onderdeel 3: zouten
Inhoud les 3 • • Begrip ‘zouten’ Voorbeelden Reactie’s (demonstratie) Reactie’s (Binas) Reactie’s (opschrijven) Practicum? ? ? Opdrachten maken Onderdeel 3: zouten
demonstratie • Elektrolyse koperchloride oplossing • Voorraad zouten • Neerslagreacties met lood Onderdeel 3: zouten
zouten • Een zout is een verbinding van een metaal en een (aantal) niet-metalen. • Bestaan uit ionen (geladen deeltjes) • Hoog smeltpunt • Vaste zouten geleiden geen elektrische stroom • Vloeibare (gesmolten) zouten geleiden wel elektrische stroom • Opgeloste zouten geleiden wel elektrische stroom Onderdeel 3: zouten
Keukenzout • Bekendste zout • Natriumchloride • Bestaat uit natriumdeeltjes die we natriumionen noemen en chloordeeltjes die we chloorionen noemen. • Ionen zijn gerangschikt in een ionrooster Onderdeel 3: zouten
Positieve Ionen • Metaal ionen zijn positief geladen • Notatie van lading bij het symbool • Lading 1+, 2+ of 3+ (4+) + K + Na 3+ Al 2+ Fe 2+ Cu Onderdeel 3: zouten 2+ Ca + Ag 3+ Fe
Negatieve ionen • Ionen van niet-metalen zijn negatief geladen • Lading 1 - , 2 - of 3 - Cl 2 O Br I Onderdeel 3: zouten
Bijzondere ionen • Waterstof (H+) – Zure oplossing – Komt voor in zoutzuur, citrioenzuur, zwavelzuur enz. • Hydroxide (OH-) – Basische oplossing – Komt voor in natronloog, kaliloog, calciumhydroxideoplossing • Aan de orde in hoofdstuk 7 (eerste hoofdstuk) Onderdeel 3: zouten
Samengestelde ionen • Ionen die uit verschillende elementen bestaan. • Worden gezien als één deeltje • Voorbeelden – Sulfaat (SO 42 -) – Carbonaat (CO 32 -) – Nitraat (NO 3 -) Onderdeel 3: zouten
Positief Ionen op een rij negatief Na+ Natrium-ion Cl- chloride-ion K+ Kalium-ion Br- Bromide-ion Ag+ Zilver-ion I- Jodide-ion Mg 2+ Magnesium-ion S 2 - Sulfide-ion Al 3+ Aluminium-ion O 2 - Zuurstof-ion Ca 2+ Calcium-ion NO 3 - Nitriaat-ion Fe 2+ of Fe 3+ Ijzer(II)ion of ijzer(III)ion SO 42 - Sulfaat-ion Zn 2+ Zink-ion CO 32 - Carbonaat-ion Cu 2+ Koper-ion OH- Hydroxide-ion Ba 2+ Barium-ion PO 43 - Fosfaat-ion Hg+ of Hg 2+ Kwik(I)-ion of kwik(II)-ion SO 32 - Sulfiet-ion Pb 2+ Lood-ion NH 4+ Ammonium-ion H+ Waterstof-ion Leer deze uit je hoofd!!!
Formule van calciumchloride • Calciumionen • Welke ionen? • Welke lading? • Chloride-ionen • Verhouding van ionen? • Ca 2+ – Totaal neutraal • Cl • Ca 2+Cl • Ca. Cl 2
Binas tabel • Overzicht van belangrijkste ionen • Oplosbaarheid van zouten Een zout heeft totaal een neutrale lading Onderdeel 3: zouten
Formules van zouten opstellen Zoutformules maken Voorbeeld: De formule van magnesiumchloride 1 Noteer de naam van het zout. 1 Naam: magnesiumchloride 2 Zet de ionen in symbolen. 2 In symbolen: Mg 2+Cl 3 Zet de verhouding van de ionen in 3 Verhouding: 1: 2 het zout eronder. De totale lading moet nul zijn. 4 Noteer de verhoudingsformule. Zet 4 Verhoudingsformule: (Mg 2+)1(Cl )2 5 Vereenvoudigen: Mg 2+(Cl )2 de ionen tussen haakjes. De aantallen in de verhoudingsformule schrijf je rechtsonder. 5 Laat het cijfer 1 weg. Kijk of de haakjes nodig zijn. Deze zijn eventueel alleen nodig bij samengestelde ionen. Haakje bij Mg 2+ kan weg. 6 Schrijf de formule zonder ladingen. 6 Zonder ladingen: Mg. Cl 2
Nog een voorbeeld Zoutformules maken Voorbeeld: De formule van aluminiumoxide 1 Noteer de naam van het zout. 1 Naam: aluminiumoxide 2 Zet de ionen in symbolen. 2 In symbolen: Al 3+O 2 - 3 Zet de verhouding van de ionen in 3 Verhouding: 2: 3 het zout eronder. De totale lading moet nul zijn. 4 Noteer de verhoudingsformule. Zet 4 Verhoudingsformule: (Al 3+)2(O 2 -)3 5 Vereenvoudigen: Al 3+2 O 2 -3 de ionen tussen haakjes. De aantallen in de verhoudingsformule schrijf je rechtsonder. 5 Laat het cijfer 1 weg. Kijk of de haakjes nodig zijn. Deze zijn eventueel alleen nodig bij samengestelde ionen Haakjes kunnen weg. 6 Schrijf de formule zonder ladingen. 6 Zonder ladingen: Al 2 O 3
Opdrachten • Leren door te doen • Zie stencil bladzijde 3 Wanneer we de vragen in de les besproken hebben zijn de antwoorden hier te downloaden. Klik hier om de opdrachten te downloaden Onderdeel 2: reactievergelijkingen
Van komma naar getal onderdeel 4 vragen stellen en gemengde opdrachten
Opdrachten • Leren door te doen • Zie stencil Wanneer we de vragen in de les besproken hebben zijn de antwoorden hier te downloaden. Klik hier om de opdrachten te downloaden Onderdeel 2: reactievergelijkingen